Trends & meer

Kantoortuin op de schop? Denk ook aan de luchtkwaliteit

Corona haalt in sommige bedrijven de vertrouwde kantoortuin flink overhoop. Grote ruimtes worden kleiner, medewerkers hebben behoefte aan rust en afstand. Maar vergeet niet bij een verbouwing te letten op gevolgen voor de luchtkwaliteit, waarschuwen experts. Ventilatiesystemen zijn vaak afgestemd op het ‘oude’ gebruik van de ruimte.

Door de komst van corona lijken steeds meer Nederlandse kantoortuinen op de schop te gaan. Ooit stond de kantoortuin voor openheid en betere communicatie. Overleggen met collega’s uit hetzelfde team loopt soepeler en er is altijd voldoen ruimte voor flexwerkers, zo was een tijdlang de opvatting. Bovendien is het goedkoper dan allerlei afzonderlijke werkplekken inrichten.

Maar als gevolg van corona zijn mensen meer thuis gaan werken. Zijn ze op kantoor, dan willen ze voldoende rust en afstand. Bedrijven die toch al voor een uitbreiding of renovatie stonden, kiezen vaker voor een indeling met werkruimtes die privacy bieden en afgestemd zijn op een kleinere totale bezetting.

Muurtjes plaatsen

Bij de verbouwing van een kantoortuin is het echter goed te letten op de gevolgen voor de luchtkwaliteit, zegt Matthijs Westerlaken, vestigingsmanager bij een lab dat zich bezighoudt met metingen, inspecties en bemonstering van binnenklimaat en water in gebouwen. “Bedrijven schakelen aannemers in, die in een mum van tijd muurtjes kunnen plaatsen en zo aparte ruimtes creëren. Maar dat brengt dan soms ongewenste gevolgen met zich mee voor het binnenklimaat”, legt hij uit.

Westerlaken geeft een voorbeeld waarbij medewerkers in één kleine kantoorruimte klaagden over kou, terwijl het in de aangrenzende ruimte juist benauwd aanvoelde. De oorzaak: het ventilatiesysteem, dat was afgesteld op een grote ruimte, bleef na de verbouwing dezelfde hoeveelheid lucht een kleinere kamer inblazen. En zo kwam het dat de medewerker in ene werkruimte last had van tocht, terwijl de collega aan de andere kant van de muur het steeds warmer kreeg.

Oorzaak en gevolg lijken hier voor de hand liggend, maar vaak is dat helemaal niet zo eenvoudig vast te stellen. Soms is een ruimte na een verbouwing bij verschillende huurders in gebruik en ontbreekt een overzicht van installaties. Het is daarom verstandig een expert in te schakelen, die een totaalbeeld kan schetsen van de systemen. Ook kan deze de kwaliteit van de lucht meten wanneer er klachten zijn die daar mogelijk verband mee houden.

Concentratie CO2 bouwt zich op

Maar ook wanneer er niet wordt verbouwd, kunnen werknemers in een ruimte gezondheidsklachten ervaren die zijn te herleiden naar de luchtkwaliteit. Als die te wensen overlaat, kan dat bij mensen onder meer hoofdpijn, vermoeidheid en concentratieproblemen veroorzaken. Soms komt dit omdat er te grote hoeveelheden kooldioxide (CO2) in de werkruimte aanwezig zijn. Het probleem bouwt zich op gedurende de werkdag: wie ’s morgens fit binnenkwam, kan tegen het einde van de dag steeds meer klachten krijgen als gevolg van een te hoge concentratie CO2.

Het is de moeite waard voor facilitair managers om hier aandacht aan te besteden, zo blijkt uit onderzoek van TNO in 2020. Een slecht binnenklimaat, waaronder ook luchtkwaliteit valt, kan een bedrijf productieverlies opleveren van €3.600 per werknemer per jaar. Werknemers die te maken krijgen met hoofdpijn, vermoeidheid en een slechtere concentratie presteren minder en melden zich eerder ziek. Ook TNO spreekt in dit onderzoek overigens ook al over de onwenselijkheid dat vergaderruimtes worden toegevoegd, zonder dat daar extra ventilatievoorzieningen tegenover staan.

Er zijn verschillende laboratoria en onderzoeksbureaus die onderzoek doen naar binnenklimaat en luchtkwaliteit. Op basis van de klachten en aanvullende informatie en vermoedens, kan zo’n lab of bureau een onderzoek voor een kantoorgebouw in gang zetten. Afhankelijk van de situatie zijn er verschillende metingen mogelijk. Bij microbiologisch luchtonderzoek is er een analyse van aantallen en soorten bacteriën en schimmels in een ruimte. Ook zijn metingen van concentraties fijnstof, stikstofdioxide en koolstofdioxide (CO2). CO2 is vaak een indicator van hoe het er met de luchtkwaliteit voorstaat en dus is het goed om de concentratie CO2 in een bedrijfsruimte te meten bij problemen.

Overdag en ’s nachts meten

Meten gebeurt met apparatuur die voor korte of langere tijd in een ruimte komt te hangen. Dat kan voor een dag zijn, maar ook voor een week. Hoe lang dat wenselijk is, kan per werkruimte verschillen. Zijn er zowel ’s nachts als overdag medewerkers op de werkvloer actief, dan is het zinvol over een langere tijd bij verschillende bezettingen te meten. Op basis van deze data is het mogelijk een analyse te maken van de situatie.

Technisch gezien valt de luchtkwaliteit bij een grens van minder dan 600 ppm (parts per million) koolstofdioxide onder de norm ‘zeer goed’. Bij minder dan 800 ppm is dit ‘goed’ en minder dan 1000 ppm valt in de categorie ‘acceptabel’. 

Na de analyse komt de expert met een rapport en praktische oplossingen. Wat vaak voorkomt, is dat de luchtverversing in een gebouw niet goed is geregeld. Nieuwe kantoren zijn soms zo goed geïsoleerd, dat luchtverversing hierdoor in het gedrang komt. Of er zijn recirculatiesystemen in werking, die niet voldoende verse lucht aanvoeren. De technische mogelijkheden van deze systemen kunnen tegen het licht worden gehouden. Soms is het nodig om ventilatiesystemen (beter) in te regelen, soms gaat het om extra roosters aanbrengen. Dan zijn er nog ventilatiekanalen die verstopt kunnen zijn en/of aan een reinigingsbeurt toe zijn. 

Verschillen tussen panden

Volgens Paul Posthumus, salesmanager bij een onderzoeks- en adviesbureau op het gebied van water- en luchtinstallaties, zijn er geen kantoorpanden waar zich duidelijk meer of minder problemen met luchtkwaliteit voordoen dan andere. “Er is niet een type gebouw waarbij dat beter of slechter is geregeld, we zien daar geen algemeen beeld in”, zegt hij. Wel ziet hij verschillen tussen kantoren en andere gebouwen zoals scholen: op kantoren zijn vaak betere voorzieningen aangebracht rondom ventilatie dan in schoolgebouwen.

Westerveld vindt dat het door de bank genomen met de luchtkwaliteit in kantoren best goed is gesteld. Vooral in de afgelopen twee jaar zijn bedrijven scherper gaan kijken naar de ventilatie in hun werkruimtes. Dit als gevolg van de pandemie. Om coronabesmetting te voorkomen, is het immers belangrijk om goed te ventileren. Dat bewustzijn is bij veel bedrijven op gang gekomen, ziet hij. Sindsdien zijn er dan ook veel preventieve metingen verricht en adviezen uitgebracht rondom de luchtkwaliteit en het verbeteren daarvan. Het is ook mogelijk om voor een periodiek onderzoek van de kantoorruimte te kiezen.

Ook Posthumus ziet de vraag naar preventief onderzoek toenemen naar aanleiding van de coronapandemie. Preventief onderzoek laten uitvoeren naar de luchtkwaliteit in een (nieuwe) kantoorruimte is altijd een goed idee, zegt hij. Het geeft een actuele stand van zaken rondom de luchtkwaliteit. Ook als alles prima in orde is op dat gebied, is het nuttig om dit zwart op wit te hebben staan, in een rapport dat door een expert is opgesteld. Medewerkers kunnen er dan op vertrouwen dat het met de luchtkwaliteit op hun werkplek wel goed zit.

Nieuwsbank banner