Bedrijfsnieuws

Bespaar energie met automatische raamdecoratie

Gebouwen verbruiken ongeveer 40% van alle energie wereldwijd, zo blijkt uit het milieuprogramma van de VN. Het is daarom de moeite waard om te onderzoeken hoe we gebouwen energie-efficiënter kunnen maken. Een manier om dit te doen is het slim aansturen van de raamdecoratie en zonwering in het gebouw. Hierdoor is het mogelijk om het energieverbruik te verminderen en het comfort te verhogen.

Raambekleding zoals (rol)gordijnen, vouwgordijnen, shutters, verticale en horizontale lamellen en jaloezieën zijn zowel manueel als elektronisch aan te sturen. Met een speciaal systeem is het mogelijk om raamdecoratie automatisch en energiebesparend aan te sturen. Zo kunnen jaloezieën zo geprogrammeerd worden dat ze automatisch openen en sluiten bij zonsopgang of -ondergang.

Automatische raamdecoratie

Daglichtgestuurde raambekleding zet schaduw in om zonlicht te blokkeren of om bescherming te bieden van zonnestraling. Het is ook mogelijk om op basis van tijdsstippen acties in te plannen voor de aansturing van de raambekleding of deze te koppelen aan sensoren. Het systeem kan bijvoorbeeld beslissen om de lichten in- of uit te schakelen en de gordijnen te openen of sluiten op basis van het huidige warmte- en lichtniveau in het gebouw. Doordat hierdoor de airconditioning niet ingeschakeld hoeft te worden, bespaar je energie bij het bereiken en behouden van het gewenste binnenklimaat.

Elektrische bediening

Als vuistregel geldt dat elektrische raambekleding wordt aangedreven door een wisselstroommotor van 220-240 V of een gelijkstroommotor van 24 V. Er zijn ook systemen die werken op basis van een gelijkstroommotor van 12 V, maar die komen minder vaak voor.

Wisselstroommotoren op netspanning hebben twee wikkelingen, de zogeheten ‘gedeelde wikkeling’. De ene drijft de motor in de ene richting aan, de andere in de andere richting. De stroomkabel heeft dus één nuldraad die voor beide wikkelingen wordt gebruikt, en twee fasedraden, L1 en L2, voor de voeding van respectievelijk wikkeling 1 en 2. Er moet een vergrendeling zijn om te voorkomen dat beide wikkelingen tegelijk van stroom worden voorzien.

Gelijkstroommotoren op basis van laagspanning hebben één wikkeling. Om de draairichting te veranderen, moet de polariteit van de wikkeling worden omgewisseld, vandaar dat laagspanningsmotoren ‘omgekeerd polair’ worden genoemd. In het algemeen zijn netspanningsmotoren stiller dan laagspanningsmotoren.

Bespaar energie

Bovenstaande maatregelen maken het mogelijk om via een goed ontworpen systeem te komen tot een evenredigere warmtedistributie in het gebouw. Dat leidt weer tot een verbeterde energie-efficiëntie en kostenbesparingen in residentiële en commerciële gebouwen.

Meer informatie
Nieuwsbank banner